KADEROPLEIDING WEVEN SPECIAAL

De opleiding staat nog steeds, na het succes in 2014-2016, op de agenda van WEEFNETWERK.
De realisatie van de kaderopleiding was toen niet mogelijk geweest zonder de hulp van Hanny Spierenburg van het Landelijk Kennisinstituut Cultuureducatie en Amateurkunst. Zonder de eenmalige subsidie van het Fonds voor Cultuurparticipatie was de kaderopleiding niet gestart.
Ook WEEFNETWERK heeft vanuit de subsidieregeling een financiële bijlage geleverd.
Het bestuur is zich aan het beraden over een vervolg opleiding, dit hangt vooral af van de financiering van het project.

De Kaderopleiding ‘Weven Speciaal’ is een specialisatietraject en richt zich op weefdocenten en topamateurs. De doelstelling is de verhoging van het kunstzinnige niveau van de deelnemers en om zich als weefdocent verder te bekwamen.

DEELNEMERS
De deelnemers zijn nieuwsgierig, willen zich ontplooien en zoeken naar verdieping, creatieve impulsen en een eigen vormgeving, om zo een eigen handschrift te ontwikkelen. Tevens bereidheid kennis te verspreiden als weefdocent. Voor reflectie op eigen werk en dat van medecursisten is uitgebreid aandacht in de werkbesprekingen. De selectie van deelnemers vindt plaats door middel van toelatingsvoorwaarden, voor deelname zijn vakkennis en weefervaring vereist. Om voor subsidie in aanmerking te komen is een lidmaatschap van WEEFNETWERK vereist.


DOCENTEN
De docenten die de cursus begeleiden komen uit verschillende disciplines. Kwalificaties docenten: afgeronde kunstvakopleiding, kunsthistorische kennis, didactische kwaliteiten, zij hebben veelal een eigen beroepspraktijk. Voor vakdidactiek is een speciale docent. De docenten geven twee dagen les en iedere docent geeft aan het einde van de lesdag een thuisopdracht. Deze opdrachten worden op de volgende bijeenkomst besproken door de aanwezige docent: de eerste keer wordt de opdracht besproken door de ‘eigen’ docent, de tweede keer door de volgende docent.


LESPROGRAMMA
Bij de kaderopleiding staan centraal de kunstzinnige ontwikkeling van de deelnemers en de pedagogisch didactische vaardigheden met het specialisme textiel. Weeftechnieken komen niet aan bod. De kaderopleiding is opgebouwd rondom verschillende beeldaspecten. Accenten daarin worden belicht in de lessen en de deelnemers worden gestimuleerd om via zelfstudie kennis hierover te ontwikkelen. Bij de opleiding staan kleur en vorm centraal, daarnaast kennis over textiel in eigen- en andere culturen, parallellen in andere vormen van kunst. Verder komt aan de orde ontwerp en vormgeving, zoals 3D, compositie, ritme en herhaling, materialen, nieuwe materialen en didactiek.
De deelnemers stellen een portfolio samen. De portfolio bestaat onder andere uit verslagen van de lesdag/activiteit, vastlegging werkproces, experimenten, onderzoek naar thema-onderdelen en omzetting van thema naar eigen invalshoek, verslag van een expositie of collectie van een museum. De opleiding kent 100 contacturen en van deelnemers wordt een inzet van minimaal 140 werkuren voor de huiswerkopdrachten verwacht. De opleiding wordt afgesloten met een eindopdracht van een weefwerk en het geven van een les.